Zelfcontrole

Al vanaf 1991 zijn medewerkers die nu deel uitmaken van DUCARES betrokken bij en verantwoordelijk voor de uitvoering van het analytische gedeelte van de zelfcontrole van een aantal Nederlandse veesectoren. Deze systemen waren en zijn erop gericht om misbruik van groeibevorderende middelen, waaronder stoffen met hormonale werking, beta-agonisten en overige verboden stoffen bij diverse landbouwhuisdieren te voorkomen.

Intensief wetenschappelijk onderzoek zorgt ervoor dat de zelfcontrolesystemen efficiƫnt, slagvaardig en juridisch waterdicht zijn. Een wetenschappelijk orgaan adviseert DUCARES in algemene zin en bij specifieke gevallen. In het wetenschappelijk orgaan neemt een aantal prominente wetenschappers, onder voorzitterschap van Prof. Dr. Jan van der Greef, zitting. Aanvullend worden de kwaliteit van de controlesystemen en de analytische harmonisatie gewaarborgd door een nauwe samenwerking met de overheid en haar laboratoria. In alle gevallen worden de belangen van de klanten van DUCARES optimaal gewaarborgd en is geheimhouding volledig gegarandeerd.

Deze ontwikkelde onderzoekssystematiek en wetenschappelijke ondersteuning vormden midden jaren negentig een belangrijke input voor EU Richtlijn 96/23/EU*. De Nederlandse zelfcontrolesystemen waren uniek in Europa. Het succes in Nederland zou later voor acceptatie van zelfcontrolesystemen in veesectoren in de rest van Europa zorgen.

Naast unieke kennis en expertise op analytisch chemisch vlak bezit DUCARES in dit kader farmacologische- en toxicologische kennis. Dit maakt DUCARES voor haar klanten in de primaire agro-industriƫle sectoren een one-stop-shop partner, met kennis van juridische achtergronden en goede relaties met de overheid(slaboratoria) en productschappen.

* Richtlijn 96/23/EG van de Raad van 29 april 1996 inzake controlemaatregelen ten aanzien van bepaalde stoffen en residuen daarvan in levende dieren en in produkten daarvan en tot intrekking van de Richtlijnen 85/358/EEG en 86/469/EEG en de Beschikkingen
89/187/EEG en 91/664/EEG